Orden Van Leopold II

Gelezen in de pers

 

Verschenen in "La Libre Belgique" op 17 december 1969 (60e verjaardag van het afsterven van ZM Koning Leopold II) .

Een groot bewind "Le plus aspre et difficile mestier du monde, à mon gré, c'est celuy de roy… en considération du poids de leur charge". Montaigne Op 17 december 1909, om 2 u 37 in de morgen, overleed Leopold II in het kasteel van Laken. Heden, zestig jaar geleden, op de verjaardag van zijn troonsbestijging en, dag op dag, vierenveertig jaar nadat Hij zijn plechtige verklaring in volgende bewoordingen had afgelegd: "Ik zweer de nationale onafhankelijkheid en de onschendbaarheid van het grondgebied te verdedigen", en Hij voegde eraan toe: "Ik beloof aan België een Belgische koning in hart en ziel te zijn en wiens ganse leven haar toebehoort."

En Hij heeft zijn belofte gehouden.

Op de dag zelf van het overlijden ondertekenden alle ministers volgende bekendmaking: "Wij hebben er weet van dat Hij zijn heilige belofte heeft gehouden en dat Hij ze zelfs met veel wilskracht heeft overtroffen… Het nageslacht zal erkennen dat het een groot bewind was en dat het een grote koning betrof". Tegelijkertijd verklaarde de Heer Schollaert, voorzitter van de rechtstaande en stille Ministerraad: "Mijne Heren, de Vorst waarvan wij het heengaan betreuren, heeft zich volledig gewijd aan het aanzien en de welvaart van het vaderland. Hij deed het met helderheid van geest, energiek, met de wilskracht hem eigen, groots en verheven in natieverband".

En Schollaert zou er nog hebben kunnen aan toegevoegen:

"En hij ondernam de redding van het land!"

Het land redden

Op het ogenblijk dat Leopold II zijn inaugurale rede uitsprak grepen verdachte intriges plaats tussen Napoleon III, Keizer der Fransen, en Bismarck, kanselier van Pruisen. Het ging om de uitschakeling van België. De koning sprong toen plots recht en, zich richtend tot de diplomatieke tribune waar de gezanten van beide betroffen landen zich bevonden, verkondigde Hij met luide stem, het recht van een vrije, eerlijke en moedige natie die haar onafhankelijkheid heeft kunnen bekomen en die ze zal kunnen handhaven. Er dient vermeld dat, onze toehorende volksvertegenwoordigers van toen begrepen en Hem viel een formidabele ovatie te beurt.

Vanaf dan kende Leopold II geen rust meer.

Napoleon III, die op een wankele troon zat, had dringend een behoefte aan prestige dus aan territoriale uitbreidingen. Hij gaf aan Benedetti, zijn ambassadeur in Berlijn, de opdracht Pruisen om hulp te verzoeken "voor het geval dat de keizer der Fransen zijn troepen in België zou laten oprukken". Hij faalde. Dit was echter nog maar een eerste alarm. Napoleon III probeerde het Groot-Hertogdom Luxemburg van de koning van Holland af te kopen. Hij faalde. Daarna wilde hij Phippeville en Mariembourg aankopen. Hij faalde opnieuw. In 1869, een fundamenteel jaar, een eeuw geleden, kocht de spoorwegmaatschapij van Oost-Frankrijk, onder de hoge bescherming van de Keizer, de aandelen op van twee spoorwegmaatschappijen van het Groot-Hertogdom en van een Belgische maatschappij, de Luiks-Limburgse. Leopold II, hierbij geholpen door Zijn minister Frère-Orban, maakte die overeenkomst ongedaan. De Franse publieke opinie werd woest en generaal Niel, de Franse minister van oorlog schreef: "De oorlog is onvermijdelijk! Ik sta klaar!"

En wij, waren wij paraat? De bedaarde koning waarschuwde Londen en deed het nodige om een leger, dat ons kon verdedigen, op de been te brengen. Doch zover kwam het niet. De Frans-Duitse oorlog van 1870 redde ons.

Betekende dit het einde van het alarm? Zeker niet. Het alarm bleef de ganse duur van het bewind aan. Het gevaar kwam eenvoudigweg vanuit een andere hoek. Duitsland was ondertussen een oppermachtig en daardoor een geducht keizerrijk geworden.

Leopold II voorzag de toekomst met een uitzonderlijke helderheid van geest en hij was ook niet de enige van onze koningen van wie dit gezegd werd. Hij was zich bewust dat de oorlog eens vanuit het oosten zou opdagen. Hij spande zich geweldig in om zijn ministers wakker te schudden en tot spoed aan te zetten om de wet voor de algemene dienst voor iedereen te doen stemmen. En zo kwam hij ertoe deze wet nog op zijn sterfbed te ondertekenen ten koste van een uiterst pijnlijke inspanning.

Het land uitbreiden

Leopold II zegde dat "een land nooit klein is wanneer het aan de zee grenst". Als jeugdige hertog van Brabant had Zijn toespraak in de Senaat reeds en zekere verbijstering veroorzaakt: "Mijne Heren, ik denk dat het ogenblik aangebroken is om ons land uit te breiden!"

Tien jaar later, namelijk in 1869 – steeds het fundamentele jaar, een eeuw geleden -, observeerde de jonge koning nauwlettend, ondanks de ernstige bekommernissen wegens de oorlogsdreigingen, wat zich nog veraf afspeelde. Hij bekeek dikwijls de atlas en hij droomde van Afrika. Het centrum van dit werelddeel is oningevuld en wordt omschreven als "onbekend land". Hij ondersteunt de "geografische actie" en wint inlichtingen in. Hij praat erover met Lambermont en met Banning. Zijn aandacht gaat naar de luttele informatie die over deze streken wordt verstrekt.

En wat van die Livingstone die, naar het schijnt, de rand van het Tanganyikameer – het oningevulde deel van de kaart -, heeft bereikt? En wat betekenen die gruweldaden die er zich zouden hebben voorgedaan?

En de handel in negers die de slavenhandelaars aan de Zanzibarkust drijven? En die vreemde slaapziekte die zoveel slachtoffers maakt? En wie is die dokter Scheinfurth die langs de oevers van de Uele wandelt? En die Nachtigal?

Hij wacht zijn tijd af. En het duurt tot 12 september 1876 vooraleer Hij te Brussel een internationale geografische conferentie bijeenroept, waar geleerden uit meerdere landen samenkomen. Zo kan hij er Belgen – Cambier, Crespel en andere pioniers – bij betrekken, ontdekkingsreizigers voor het Tanganyika – gebied. Men had weet van een Engelsman, een zekere Henry Morton die met de naam Stanley signeerde en die twee jaar tevoren door een Amerikaans dagblad daarheen werd gestuurd om Livingston op te sporen. Vertrokken vanuit de kust van de Indische oceaan was Stanley uiteindelijk het tropische woud ingetrokken en sindsdien was hij spoorloos.

Doch op 7 oktober 1877 vernam men dat Stanley aan de Atlantische kust was opgedoken. Hij had de belangrijkste ontdekking van de eeuw gedaan.

Toen hij in Marseille aan wal ging werd hij verrast door het onthaal van twee afgevaardigden van de Geografische conferentie, de latere Internationale Afrikaanse Vereniging. De afgevaardigden, een Amerikaan, Sanford, en een Belg, Greindl, nodigden hem uit op het paleis van Brussel, waar hun voorzitter, de koning der Belgen, hen opwachtte.

Stanley ontmoette Leopold II en na veel emoties en moeite onstond op 26 februari 1885 de Onafhankelijke Staat Kongo. Leopold II werd als vorst van deze nieuwe Staat aangewezen. In 1908 zal hij Zijn soevereiniteit aan België overdragen.

Het was Zijn wil "het vaderland te eren, het uit te breiden". Dit bezongen wij toen in een mooi lied "Naar wijd en zijd!".

Het duurde meerdere jaren vooraleer Leopold II als stichter van de Onafhankelijke Staat Kongo werd erkend. Buitenlanders beschreven hem als "een reus uit een tussenverdieping".

Uit een tussenverdieping? Maar daarin kan een reus toch niet ademen. Men staat erbij stil als men bedenkt dat het laatste woord dat Leopold II uitsprak "Ik stik!" (j'étouffe) was.

In een brief die hij zond naar zijn minister, baron d'Anethan, schreef de Koning: "Tussen mijn populariteit en mijn plicht twijfel ik niet!". Hij zegde ook nog: "Twintig jaar na mijn overlijden zal men mij rechtvaardig beoordelen". En inderdaad, twintig jaar na zijn dood kreeg Hij een standbeeld.

Maar wanneer zullen wij dan toch begrijpen dat ons land niet zal worden gered, noch verder zal uitgroeien, door het te verdelen, te versnipperen, door het af te breken?

J. Schoonjans ,

ERKENTELIJKHEID TE KINSHASA

Een Leopold II Stichting

ter ere van de stichter van de Onafhankelijke Staat Kongo

Daar waar bepaalde tijdgenoten plezier hebben in het misprijzen en in het verspreiden van tendentieuze berichtgeving over het werk van Leopold II in Kongo gaat het er in Kinshasa gans anders aan toe wanneer intellectuele Kongolezen enkele jaren geleden beslisten hun erkentelijkheid te betuigen aan Leopold II voor de fundamentele historische rol die hij, tweede koning der Belgen, gespeeld heeft in de ontwikkeling van hun land.

De Leopold II Stichting, werd in 2008 gesticht met maatschappelijke zetel in de Taboralaan – zoiets verzin je niet – te Kinshasa, met als doel actief te zijn zowel in Kongo als in België en in de landen aan de Grote meren. Haar actieterrein is ambitieus want het omvat niet minder dan het in eer herstellen en het vereeuwigen van de herinnering aan de stichter van de Onafhankelijke Staat Kongo, het ijveren voor de bescherming van de verworvenheden van de Conferentie van Berlijn anno 1885 (ter voorkoming van en voor het zoeken naar mogelijkheden om vredelievende oplossingen te vinden bij grensconflicten in de betrokken gebieden), het bevorderen van een duurzame vrede, de integrale ontwikkeling en de milieubescherming (door acties te voeren ter voorkoming van oorlogen en conflicten, alsook door vredesoperaties en postconflictuele bemiddelingen) en tenslotte, het herstellen en bevorderen van het socio-culturele collectief geheugen dat de geschiedenis van de betrekkingen onder de Staten kenmerkt en die om hun toenadering te bevorderen.

Deze VZW (in't kort FROLEO) verenigt personen die, gepast en terecht, het aandenken aan Leopold II bevorderen door het voeren van socio-culturele vredes – en ontwikkelingsacties ten voordele van Kongo, Ruanda en Burundi, en die geloven dat de grondige kennis van het modern Kongo zijn weg vindt in de kennis van de problemen die zijn opgerezen bij de stichting van de Onafhankelijke Staat Kongo, vertrekkend van het standpunt dat diegenen die de geschiedenis niet kennen de toekomst van hun land niet kunnen begrijpen.

De initiatiefnemers van de Stichting gaan er dan ook van uit dat "Koning Leopold II, hoofdacteur van de geschiedenis van Kongo, een buitengewoon personage blijkt te zijn, temeer daar nooit eerder een man, zelfs al was hij koning of eenvoudige sterveling, een vergelijkbare entiteit heeft geschapen. De Stichting die zijn naam draagt kan hem op die manier onttrekken aan de laster en ondankbaarheid van de Belgen, zijn nazaten, en aan het misprijzen van de Kongolezen."

Om die reden heeft de Stichting zich tot doel gesteld het werk van Leopold II op basis van twee benaderingen te analyseren, enerzijds deze van de schepping en van de erkenning van de Onafhankelijke Staat Kongo en anderzijds deze van zijn opwaardering.

Leopold II: vader van Kongo

Wat betreft de schepping van de Onafhankelijke Staat Kongo beweert de Leopold II Stichting dat het gaat om een ontegensprekelijk diplomatiek en historisch success. Zij kent de koning-bouwer volgende benamingen toe: "vader van Kongo", "patriarch", "architect", "eerste politieke gezagdrager", "eerste Kongolese politieke gezagdrager", evenals "een springplank voor zijn wereldtoenadering". De Stichting aanziet Leopold II als de verantwoordelijke voor de territoriale éénwording van Kongo en voor de vorming van een samenhangend politiek geheel dankzij legaliteitsverdragen met de traditionele stamhoofden. Op die manier beschouwt zij het werk van Leopold II als de belichaming van het begin van een historie, van een volk en van een Staat. Wat betreft de opwaardering van de Onafhankelijke Staat Kongo weigert de Leopold II Stichting te zwijgen over het debat dat de opinie opjut inzake de schending van de mensenrechten; zij acht dat de historie van Leopold's Kongo herleiden tot een hoop misbruiken en gruwelijkheden maar al te simplistisch is.

Hiervan getuigt het historisch verslag Casmens dat in 1904-1905 werd opgesteld door een Belgische onderzoekscommissie die vaststelt: "Wanneer men door Kongo reist en men trekt onopzettelijk de vergelijking tussen de oude Staat, die wij kennen uit de verhalen of de beschrijvingen van de ontdekkingsreizigers, en de huidige Staat, dan is de indruk verbazingwekkend en staat men vol bewondering.

Die gebieden baadden amper 25 jaar geleden nog in een sfeer van afschuwelijke barbaarsheid. Enkele blanken overleefden het er ten koste van bovenmenselijke inspanningen. Zij waren op elk ogenblik onthaald op pijlen van vijandige volksstammen die op hun beurt waren uitgeroeid tijdens strooptochten van arabische mensenhandelaars die mekaar voortdurend en genadeloos bevochten. Op ieder ogenblik was men er getuige van een handerl in mensenvlees waarbij de kopers de koopwaar uitkozen en zelf op de lichamen van de te kelen slachtoffers hun keurstukken uittekenden. Gebieden waar de begrafenissen van de dorpshoofden gevierd waren met afschuwelijke slachtingen van slaven die werden gekeeld en van vrouwen die levend werden begraven. In een dergelijke schokkende sfeer werd een Staat geschapen en met een merkwaardige spoed geordend, waarmee in hartje Afrika de weldaden van de beschaving werden geïntroduceerd. Heren ten dage heerst veiligheid in dit enorme grondgebied.

Praktisch overal kan de blanke, die niet met vijandige bedoelingen bezield is, er zonder bescherming en zonder wapen rondgaan. De mensenhandel is verdwenen, het streng onderdrukte kannibalisme gaat achteruit en verschuilt zich, en de mensenoffers doen zich maar zelden meer voor. Steden brengen vrolijkheid en leven langs de oevers van de grote stroom en de twee eindpunten van de spoorweg van Neder-Kongo, Matadi, waar de schepen aankomen, en Leopoldville, de grote rivierhaven met zijn opslagactiviteiten, doen denken aan onze industriële Europese steden… En men kan zich afvragen welk magisch gezag of welke krachtige wil, gepaard met heldhaftige inspanningen, op dergelijke wijze en in weinig jaren tijd, het aanschijn van deze aarde van gedaante heeft kunnen doen veranderen."

Tot besluit:

de Leopold II Stichting, die de fouten van het leopoldische beleid niet wenst in een somber daglicht te stellen, doch ook niet zijn weldaden te verbloemen, is de mening toegedaan dat, aangezien Kongo voortbestaat, het maar normal is dat de naam van zijn stichter eraan zou worden gekoppeld en dat het Kongolese aandeel van de persoonlijke tussenkomst van Leopold II opnieuw – zou worden benaderd, zij het maar dat dit hoofdstuk van de koloniale geschiedenis van Kongo slechts een deel zou hebben uitgemaakt van een reeks gebeurtenissen in Belgisch Kongo .

En in een toekomstperpectief wenst zij bij te dragen tot de inspanningen ter bestendiging van de vrede, tot de ontwikkeling van de op landbouw en veeteelt gestoelde plannen, tot de hulp aan de school – en beroepsopleiding van de jeugd, tot het voeren van acties ter erkenning van de datum van 26 februari (recht op bestaan van de Onafhankelijke Staat Kongo volgens de Algemene Akte van Berlijn) en om deel uit te maken van de historische data, en tot het vechten voor het eerherstel van alle symbolen in het historische tijdsverloop van het land, met inbegrip van de herstelling van de monumenten die de geschiedenis van Kongo hebben gemarkeerd.

Chantal Schaller

 

 

   


 

 

2014